Verloren generatie

Er zou een enorme krapte op de arbeidsmarkt komen. Dat was jarenlang de voorspelling. De eerste babyboomers zijn inmiddels met pensioen en dat worden er alleen maar meer. Er zou zelfs een ‘war on talent’ komen: bedrijven zouden moeten gaan vechten voor goede krachten en jonge talenten. De grenzen moesten worden opengegooid voor studenten en hoger opgeleiden uit het buitenland en bedrijven zouden hun best moeten gaan doen om die mensen hier te houden.

Het lijkt toch iets anders te lopen. ABN AMRO heeft zich verdiept in de arbeidsmarkt en kwam twee weken geleden met een rapport dat een heel ander scenario voorziet. Er komt voorlopig helemaal geen krapte op de arbeidsmarkt, en dat komt in de woorden van de bank door ‘de kwantitatieve ontwikkeling van de Nederlandse beroepsbevolking’. Oorzaken: de recessie, de verdergaande automatisering, de stijgende arbeidsparticipatie onder ouderen én het feit dat ouderen langer (moeten) doorwerken. Tot en met 2023 zal de potentiële beroepsbevolking alleen maar groeien, gemiddeld met 2,5 procent per jaar. Groeicijfers die we in de economie nog lang niet halen. Pas in 2024 zal de beroepsbevolking afnemen, voorspelt ABN AMRO. Maar zelfs die daling zal minder zijn dan eerder gedacht.

De krapte op de arbeidsmarkt is er al: maar dan een krapte aan banen. Dat is kwalijk voor iedereen die geen werk heeft. Maar het is misschien nog wel erger voor al die jongeren die nergens aan de slag kunnen. Ik las laatst dat de komende paar jaar maar liefst 1,16 miljoen jongeren de arbeidsmarkt zullen betreden, een aantal dat natuurlijk ook is meegenomen in dat groeiend arbeidspotentieel dat ABN AMRO voorziet. Er dreigt dus iets heel anders: een verloren generatie. Want als straks de arbeidsmarkt weer aantrekt en bedrijven weer wel plaats hebben voor jong talent, zullen ze eerder kiezen voor jongeren die net van school komen, dus jong en enthousiast zijn en over actuelere kennis beschikken. 

Bij Facilicom merken we het ook. We krijgen veel open sollicitaties, veel jonge mensen zijn erg gemotiveerd om aan de slag te gaan, willen anders ook wel stage komen lopen en vragen niet eens meer om een stagevergoeding. We zijn bezig om extra stageplaatsen te creëren, zo kunnen deze jongeren in ieder geval werkervaring opdoen, maar het is natuurlijk geen afdoende oplossing. Tegelijkertijd hebben we veel oudere medewerkers die het helemaal niet erg zouden vinden om vervroegd uit te treden. Maar dat kan bijna niet meer. Ze moeten juist langer door. De VUT is afgeschaft en de pensioengerechtigde leeftijd wordt gestaag verhoogd. Het zijn de verkeerde maatregelen op een verkeerd moment. Maatregelen die genomen zijn in de veronderstelling dat er krapte op de arbeidsmarkt zou komen. Nu die krapte er niet komt, is dit dus een groot probleem. En het wordt bedrijven bijna onmogelijk gemaakt om daar zelf iets aan te doen. Als een bedrijf toch mensen vervroegd laat uittreden, heft de overheid een boete van maar liefst 52 procent op de afkoopsom. In de jaren ’80 zijn veel oudere werknemers met behulp van de VUT eerder uitgetreden om zo plaats te maken voor jongeren. Die VUT hoeft niet terug, maar het zou wel erg helpen als de overheid bedrijven niet meer zo’n enorme boete zou opleggen bij de vervroegde uittreding van ouderen.

Martine Geurts (vice-president directeur van Facilicom Services Group)

Gerelateerde artikelen

Door facilitaironline.nl te bezoeken accepteert u het gebruik van cookies. Lees meer over cookies.

Deze melding niet meer tonen