Leren denken en handelen als start-up

In een grijs jaren ’70-kantoor aan een lange laan in Amsterdam-Slotervaart huist de grootste start-up-accelerator buiten de VS. Startupbootcamp begeleidt en traint hier start-ups en helpt ze aan investeerders. Zusterbedrijf InnoLeaps leert grote bedrijven te innoveren. The Talent Institute traint individuele talenten in denken en handelen als een start-up. Maar weinig mensen zullen deze accelerators kennen. Dat terwijl ze deels van Nederlands origine zijn. Facilitair! sprak met co-founder Ruud Hendriks: ‘Geen risico willen lopen is pas echt riskant.’

Ruud Hendriks was diskjockey, journalist en programmamaker bij radio en tv. In 1988 was hij een van de auteurs van het businessplan voor wat later RTL zou worden. Hij werd de eerste directeur van de zender en groeide daarna uit tot media-ondernemer. Maar hij was op een gegeven moment wel klaar met de tv-wereld, ook omdat hij alles wel had gedaan. Hij zat al acht jaar op een hoge positie bij Endemol toen vriend en collega Patrick de Zeeuw hem vroeg wat hij nu het leukste vond om te doen. ‘Het opzetten van een nieuw bedrijf.’ Waarop Patrick de Zeeuw met het idee kwam om een bedrijf te beginnen dat andere bedrijven helpt om op te starten. Dat hebben ze gedaan, samen met de Deense entrepeneurs Alex Farcet en Carsten Kolbeck. ‘Dat was in 2010. En sindsdien hebben we niet meer omgekeken.’

Een ongekend track record

Ze begonnen zeven jaar geleden met zijn vieren. Inmiddels hebben ze wereldwijd zeshonderd mensen in dienst. In die zeven jaar heeft Startupbootcamp maar liefst 464 start-ups begeleid. Daarvan is 76 procent nog steeds actief. Samen hebben al die bedrijfjes 2.304 banen gecreëerd. En in totaal hebben ze voor 240 miljoen euro aan investeringen opgehaald. Alles samen een ongekend track record. Zusterbedrijf InnoLeaps heeft inmiddels 140 start-ups geaccelereerd voor grote bedrijven als Unilever, Ahold, AB InBev, Philips, Liberty Global, Vodafone, ING en Rabobank. En The Talent Institute leidt jaarlijks zo’n driehonderd individuele talenten op tot growth hackers, digital marketeers en young digital executives. Onlangs heeft de start-upfabriek een vierde label in de markt gezet: Venture Metrix, een nog pril bedrijf dat de data levert waarmee de succeskans van een start-up is te beoordelen.

‘Ideeën vinden we niet zo interessant’

Ruud Hendriks
Ruud Hendriks; 'We vinden ideeën niet zo interessant. Innovatie is ook niet leidend. We letten vooral op de mensen'

Elke zes maanden gaat een groepje van tien start-ups aan de slag aan de Johan Huizingalaan. Allemaal techbedrijven want tech is waar het gebeurt en tech laat zich bovendien snel ontwikkelen. De selectie is streng: gemiddeld melden zo’n zevenhonderd innovatieve bedrijfjes zich aan voor zo’n nieuwe ronde. Ruud Hendriks: ‘We letten vooral op de mensen. We vinden ideeën eigenlijk niet zo interessant. Je hoeft ook niet de eerste te zijn: Google was de 21e zoekmachine op internet, maar is wel de beste geworden.’ Innovatie is ook niet leidend. ‘We willen vooral gezonde bedrijven bouwen.’ Alle deelnemers ondergaan een psychologische test. En als ze eenmaal zijn toegelaten moeten ze eens in de maand naar een pre-mediator. ‘Onze start-ups gingen bijna nooit ten onder aan het verkeerde business model, maar wel aan onderlinge ruzies. Daar wilden we iets aan doen. Dankzij pre-mediation hebben we dat probleem tot bijna nul weten terug te brengen.’

Eerst vijftig klanten zoeken

Zo’n 70 procent van de start-ups komt uit het buitenland. Ze melden zich spontaan aan, zijn op internet gesignaleerd met behulp van algoritmes, of worden gespot door scoutingteams van het bedrijf. ‘De startups werken hier bijna honderd dagen continu. In de eerste drie maanden moeten ze hun product valideren. Het eerste wat we zeggen is: ga vijftig klanten zoeken en vraag of ze jullie product wel echt willen hebben. Tegelijkertijd doorlopen ze een heel curriculum: lean start-up methodology, business model canvas, agile, scrum, al dat soort dingen. Ook doorlopen ze sessies als meet the press, client sneak previews, investor sneak previews. Na drie maanden organiseren we een demo day waarin ze zich mogen presenteren aan honderden investeerders. Daarna helpen we ze nog drie maanden om deals te sluiten.’ Dan worden ze losgelaten. ‘Maar we blijven aandeelhouder en ze kunnen altijd bij ons terecht voor advies.’

Een aandeel in alle start-ups

Het hele traject is gratis. Sterker nog: de start-ups krijgen 15.000 euro toe, al is dat in ruil voor 8 procent van de aandelen. Interessant, want zo’n 10 tot
20 procent van alle start-ups groeit uit tot substantiële bedrijven, de meest succesvolle ‘leerling’ is inmiddels zo’n 200 miljoen euro waard. Een ander deel van de inkomsten haalt het bedrijf op bij dertig sponsors, grote bedrijven die graag betrokken willen zijn bij zo’n innovatienetwerk, de exposure op prijs stellen en bovendien de meerwaarde zien van de business intelligence die het netwerk genereert. ‘We spreken 15.000 start-ups per jaar, dus wij zien techtrends een jaar, anderhalf jaar van te voren aankomen.’
Het netwerk is overigens nog veel groter: Startupbootcamp heeft goede contacten met 2.200 investeerders en heeft zo’n 1.200 mentoren aan zich weten te binden, allemaal deskundigen in hun vakgebied.

Sport7 als voorbeeld van hoe het niet moet

Hij gelooft niet in businessplannen. ‘Daar schrijven ondernemers soms jaren aan, maar vaak lopen zaken anders dan ze hadden voorzien. Toch houden ze dan vaak vast aan dat businessplan, want ze hadden het immers zo goed onderzocht. Wij werken met een business canvas. Dat maak je in twee dagen en kan makkelijk worden aangepast.’ Hij put graag uit zijn eigen ervaringen. Zoals met Sport 7, de sportzender die hij mede heeft opgezet en die een epische mislukking werd. ‘Sport 7 is het schoolvoorbeeld van hoe veel bedrijven innoveren. Grote bedrijven denken altijd groot. Maar de kunst van innovatie is dat je heel klein begint, kijkt of het werkt, het vervolgens verbetert en het dan groter maakt. Bij RTL zijn we indertijd wel zo te werk gegaan. We hadden weinig geld en waren gedwongen om heel kleine stapjes te zetten. Dan loop je ook weinig risico. Je kijkt steeds of iets werkt, en zet pas dan het volgende kleine stapje.’

Grote bedrijven leren innoveren

Dat ze nu ook voor ‘corporates’ werken, was helemaal niet de bedoeling. ‘We dachten: daar heb je allerlei consultancy-competenties voor nodig, en die hebben we helemaal niet.’ Maar de sponsors en andere grote bedrijven in hun netwerk wilden helemaal geen consultants over de vloer, maar juist leren hoe ze kunnen gaan denken en handelen als een start-up. Zo is InnoLeaps begonnen. ‘Bij InnoLeaps gebruiken we de kennis die we opdoen bij het begeleiden van start-ups om grote bedrijven te leren innoveren. Maar we doen tegelijkertijd het omgekeerde. Doordat we ook met en voor corporates werken, kunnen we start-ups heel snel in contact brengen met de juiste personen in zo’n gevestigd bedrijf. Daarin verschillen we van alle andere incubators. Die werken of voor start-ups, of voor corporates. Dat wij alle twee doen, maakt ons uniek.’

Een fast track voor innovatie

De werkwijze van InnoLeaps lijkt op die van Startupbootcamp. ‘We halen de mensen uit de organisatie, zetten ze hier neer en begeleiden ze alsof het reguliere start-ups zijn. Maar er is een belangrijk verschil: we doen veel meer aan stakeholdermanagement. Gevestigde bedrijven hebben een juridische afdeling die de tijd neemt om te kijken of de start-up geen patenten schendt. Inkoop eist dat er bij elke uitvraag eerst drie offertes worden opgevraagd. Administratie gaat eerst een PO-nummer aanmaken, en wil daar zes weken de tijd voor. Dat is kenmerkend voor gevestigde bedrijven: cultuur en infrastructuur zijn gebouwd op houden wat je hebt, en niet op het toevoegen van wat een bedrijf nieuw kan gaan doen. Wij creëren een fast track waarin het allemaal wel snel kan.’ Wie mee wil met de ontwikkelingen moet namelijk wel risico’s durven nemen. ‘Geen risico willen lopen is pas echt riskant.’

Geen radicale transformatie

Hij gelooft niet in radicale transformatie. ‘Het roer in een keer totaal om willen gooien is in mijn ogen heel onverstandig. Je moet behouden wat je hebt en wat goed werkt. Maar als je tegelijkertijd wil innoveren en kleine bedrijfjes opricht binnen je organisatie, moet je daar niet alle regels op loslaten die voor de rest van het bedrijf gelden. Je moet kleine units maken, die apart zetten, en zorgen dat de mensen die daaromheen zweven snappen dat het hanteren van de gewone regels en procedures innovatie vertraagt. Wat wij daar nog aan toevoegen is dat we ervoor kiezen om de mensen hier neer te zetten, in een inspirerende omgeving waar bovendien niet elk moment mensen binnen kunnen komen die zeggen dat ze toch echt bij die vergadering nodig zijn.’

‘We staan nog maar aan het begin’

Innovaties zijn van alle tijden. En ze zijn meestal ook niet zo heel bijzonder. ‘Ze komen doorgaans voort uit het samenvoegen van bestaande elementen. Wel nieuw is dat de golf van digitalisering die nu over de wereld heen dendert voor een enorme versnelling zorgt. Het gaat almaar harder. Wat tweeduizend jaar geleden een eeuw kostte, heeft nu maar drie maanden nodig en soms zelfs maar drie dagen. En die versnelling is exponentieel: we staan nog maar aan het begin. Dat is ook de reden waarom grote bedrijven soms regelrecht in paniek raken: ze kunnen die snelheid niet zomaar bijbenen. Verschil is ook dat het allemaal tech is. Innoveren blijft moeilijk, maar het is nog nooit zo simpel geweest om een bedrijf te beginnen en om met een klein budget je klanten te bereiken. Daardoor wordt de concurrentie veel groter. Jonge bedrijven zijn bovendien veel meer bereid om risico’s te nemen.’

De voorsprong van gevestigde bedrijven

Hij is geen doemdenker. ‘Ik ben niet van het koor dat roept dat grote bedrijven allemaal ten onder zullen gaan als ze niet innoveren. Een bedrijf met 70.000 medewerkers heeft ook de brainpower van al die mensen, daar kan een start-up met drie mensen niet tegenop. Gevestigde bedrijven hebben bovendien een sterk merk, veel klanten, goede relaties met die klanten en heel veel ervaring. Ze hebben dus een enorme voorsprong op start-ups. Het enige wat ze missen is wat ze ooit, toen ze zelf begonnen, wel hadden: lef, beheerste risico durven nemen en snelheid. Met InnoLeaps leren we bedrijven dat terug te brengen in de organisatie.’ Hij gooit nog maar eens zijn lijfspreuk erin: ‘Dans alsof niemand je ziet, heb lief alsof je nooit bent bedrogen, en innoveer alsof het nooit is misgegaan.’

Door facilitaironline.nl te bezoeken accepteert u het gebruik van cookies. Lees meer over cookies.

Deze melding niet meer tonen