Blog | Klimaattafelen

De maatregelen in de Klimaatwet zijn maar een streven. Terwijl het adagium zou moeten zijn: mouwen opstropen en beginnen. Bij Facilicom zijn we al druk bezig.

Zelfs Al Gore is enthousiast en twitterde erover: Nederland heeft een Klimaatwet. Maar liefst zeven partijen hebben zich erachter geschaard, en dat mag voor deze tijd inderdaad wel bijzonder heten. De bedoeling van de oorspronkelijke initiatiefnemers Jesse Klaver en Diederik Samsom was om sneller te gaan dan de EU voorschrijft. Of dat ook echt gaat gebeuren is afwachten: om een breed draagvlak te krijgen is er behoorlijk wat water bij de wijn gedaan. Toch zijn de ambities er wel: 80 procent reductie van de CO2 in 2050, schrijft de EU voor, Nederland gaat voor 95 procent. Ook de lat voor 2030 is hoger gelegd: geen 30 procent reductie in 2030, maar 49 procent. Dat is overigens niet in beton gegoten: het is maar een streven.

De Klimaatwet legt ook niet vast hoe we die ambitieuze doelstellingen gaan bereiken. Dat is wel erg teleurstellend, dat betekent dat elke maatregel in de Tweede Kamer bevochten moet worden en het is niet te verwachten dat de zeven partijen ook dan altijd eensgezind zullen zijn. Kolencentrales sluiten scheelt veel CO2, in plaats daarvan elektriciteit opwekken met kernenergie ook. Het zijn twee standpunten die allebei steun hebben binnen deze brede coalitie, maar ieder voor zich kunnen uitgroeien tot een splijtzwam bij de invulling van de wet, ook bij de ‘Klimaattafels’ die gaan polderen over de plannen. We moeten hopen dat het niet blijft bij goede bedoelingen. Het is mooi dat Nederland nu het beste jongetje van de klas wil worden, maar de realiteit is dat ons land ver achter loopt, bijvoorbeeld waar het gaat om groene energie. Daarin zijn we, op één land na, vooralsnog het slechtste jongetje van de klas in de hele EU. 

Het adagium zou dan ook moeten zijn: mouwen opstropen en beginnen. Bij Facilicom hebben we dat twaalf jaar geleden al gedaan met de bouw van ons hoofdkantoor, toen het eerste Nederlandse kantoorpand met een A+++ certificaat. Vorig jaar hebben het plan gelanceerd om met de hele Nederlandse organisatie al in 2030 CO2-neutraal te zijn, tenminste in zaken als onze gebouwen en ons wagenpark. Hoe we dat precies gaan bereiken is nog niet helemaal duidelijk, maar we werken er hard aan. Basis van alle maatregelen is een slim plan: we zetten fors in op energiebesparing, en het geld dat we daarmee overhouden wordt vijftien jaar lang geïnvesteerd in het nog verder terugdringen van het verbruik en het vergroenen van de gebruikte energie. Dat kan er zelfs in resulteren dat we onze eigen groene energie gaan opwekken en opslaan, en als er een teveel is misschien zelfs wel gaan verkopen. 

Sinds dit voorjaar hebben we in Utrecht The Green House, een restaurant dat zo veel mogelijk circulair is gebouwd én circulair opereert. Alles aan het pand kan worden gedemonteerd en opnieuw gebruikt. De ramen en de vloeren komen uit het ernaast gelegen PPS-pand De Knoop, recent omgetoverd van een oud kazernepand tot een modern Rijkskantoor. En bij de inrichting van het restaurant zijn leveranciers intensief betrokken, vaak via een pay for use-constructie. Ook de menukaart is zo veel mogelijk duurzaam, en samengesteld met producten van het seizoen van lokale leveranciers. The Green House is een publiek restaurant en heeft daarmee een belangrijke bewustwordingsfunctie. Bezoekers die het verhaal horen, zijn steevast erg enthousiast. Dat verhaal is ook bijna niet te missen: zelfs elk item op de kaart maakt gasten bewust. Bij ieder product staat informatie over de impact van de keuzes die het restaurant heeft gemaakt en die de gast kan maken bij zijn bestelling. 

Zoals er in Nederland al een auto te koop is die op waterstof rijdt, zo kunnen bedrijven gewoon werk maken van een CO2-neutrale bedrijfsvoering in 2030, of zelfs nu al zo veel mogelijk circulair opereren. Dergelijke initiatieven zijn nodig want anders zou het wel eens goed mis kunnen gaan met ons land. We zullen allemaal ons steentje bij moeten dragen, bedrijven en individuele burgers. Wat mij erg geholpen heeft is het boek De verborgen impact van Babette Porcelijn. Twee jaar oud inmiddels, en in die tijd ook aangeprezen in ons blad Facilitair!, maar nog steeds actueel. De industrieel ontwerpster heeft alle moeilijke vragen die ze maar kon bedenken op milieugebied voorgelegd aan deskundigen. De antwoorden zijn vaak verbijsterend. Het heeft in ieder geval bij mij tot een enorme bewustwording geleid. In mijn werk, maar ook in mijn privéleven. Een mooi boek voor de vakantie, zeker voor mensen die met het vliegtuig of de auto naar een verre vakantiebestemming gaan.

Geert van de Laar, CEO Facilicom Group


Kijk voor meer informatie over het boek De verborgen impact op
thinkbigactnow.nl.

Of ga meteen naar de tool waarmee iedereen zijn persoonlijke verborgen impact kan berekenen.

Door facilitaironline.nl te bezoeken accepteert u het gebruik van cookies. Lees meer over cookies.

Deze melding niet meer tonen